Wat een fantastisch boek heb ik hier voor me liggen! Nederland van Charlotte Dematons. Een boek voor 4- tot 7-jarigen? Ik denk meer aan voor 3- tot en met 100 jarigen! Wat is er veel te zien en te ontdekken over Nederland in dit boek. 

De voorkant van het boek nodigt al uit om naar te kijken. Je ziet de zee met z’n ruige golven, een vuurtoren staat aan de oever. Er vliegt een reiger in de lucht, de Kameleon vaart op een rustig meertje, een camper rijdt zwarte piet op de fiets voorbij. Boven de letters vind je een tuinkabouter aan een gele ballon vast. Allemaal attributen die je op de platen ziet terugkomen, a la ‘Waar is Wally’.
Een heerlijk boek voor elk moment, om samen met je kind of de klas Nederland te (her)ontdekken.

 

Bij het boek zit een notitieboekje van Charlotte Dematons, heel slim. Een aantal details van het boek staan erin uitgewerkt, zoals de gehele canon van de Nederlandse geschiedenis. Er is nog veel meer te ontdekken in dit prachtig geillustreerde boek! Ik licht er een aantal zaken uit door middel van kijkvragen en (les)tips voor de verwerking.

Taal
  • Bedenk allerlei verhalen bij de platen. Er gebeurt zoveel, maak daar zelf een verhaal van. Kies een plaat om iets over te vertellen. Kinderen smullen van zelfbedachte verhalen. Je kunt ook de bestaande verhalen uit de geschiedenis als leidraad nemen. Het is helemaal leuk als je Zwarte Piet een verhaal laat beleven waar je alle platen in betrekt. Een verhaal met het camperbusje kan natuurlijk ook.
  • Maak samen met je kinderen of je klas een verhaal. Kies een plaat uit en bedenk daar samen een verhaal bij. Schrijf dit verhaal op en laat de kinderen of de klas er tekeningen bij maken. Maak zo je eigen boek.
  • Laat kinderen vertellen over hun straat. Wat is er allemaal te zien en hoe ziet hun huis eruit? Oudere kinderen kun je hierover laten schrijven. Ze kunnen ook schrijven of vertellen over hun toekomstige straat: hoe moet die eruit zien?
  • Kinderen kunnen vertellen over hun dorp of stad, of over hun zelf bedachte omgeving.
  • Je kunt een gesprek hebben met de kinderen over hun favoriete pretpark. Misschien hebben ze ook ideeën over hoe hun pretpark eruit moet zien. Wat willen ze er allemaal in?
  • Praat met de kinderen over Nederland. Wat is hun favoriete plek? Kunnen ze die ook beschrijven? Wat kun je daar zien, horen, proeven, voelen, doen?
Rekenen
  • Er zijn allerlei telactiviteiten uit het boek te halen. Koeien in de wei, auto’s op de weg, huizen, flats, boten, mensen. Je kunt alles tellen! Vraag per onderdeel hoeveel er zijn. Dus: hoeveel boten zie je op het water? Hoeveel auto’s zie je op de weg, etc.
  • Je kunt praten met de kinderen over verschillende vormen die je in het boek tegen komt. Als je goed kijkt, vind je cirkels, kubussen, vierkanten, driehoeken, etc. Laat de kinderen de verschillende vormen zoeken.
 Creatief
  • Laat de kinderen een tekening maken van hun huis en hun straat. Bespreek het van tevoren:
    Wat is er allemaal te zien? Wat voor huizen staan er? Zijn er ook auto’s, fietsers, wandelaars, honden, katten, bomen? De kinderen kunnen ook hun omgeving of dorp/stad tekenen. Wat vinden ze het belangrijkste aan hun straat, dorp of stad?
  • Begin een gesprek met de kinderen over hun huis. Als ze zelf hun huis mogen maken, hoe zou het er dan uit zien? De kinderen hebben een aantal voorbeelden in dit boek kunnen zien. Laat de kinderen dan hun huis ontwerpen. Laat ze eerst een schets maken op papier. Daarna kunnen ze het met kosteloos materiaal ‘bouwen’. Je kunt een stad of een dorp maken van al deze huizen. De kinderen kunnen er dan ook van alles omheen bouwen, zoals water, bomen, wegen, etc.
  • De kinderen kunnen bovenstaande activiteit ook doen met een pretpark: ontwerp je eigen pretpark. Wat wil je in je pretpark?
  • Kies samen met de kinderen een stuk van de straat of een boom. Maak elk seizoen een foto van die plek. Na een jaar zie je wat er veranderd is op die plek, daar komen mooie gesprekken uit voort.
  • De kinderen kunnen in navolging van de foto’s elk seizoen, ook een tekening maken van hun straat of huis met tuin in verschillende jaargetijden of verschillende weersomstandigheden.
  • Bedenk samen met de kinderen een kunstwerk dat je in de natuur gaat plaatsen. Van welk materiaal moet het gemaakt zijn? Vraag samen met je kinderen aan de buurtbewoners of je het ergens mag neerzetten. Op het schoolplein is dit makkelijker natuurlijk. Hoe zorg je ervoor dat het erg blijft staan? Hoe zorg je ervoor dat het stevig is? Maak hier samen een heel plan voor. Je maakt het kunstwerk samen en je zet het samen neer. Ook hier zou je elk seizoen een foto van kunnen maken.
  • Wat is de lievelingsplek van de kinderen in Nederland? Kunnen ze dit ook nabouwen? Een tekening ervan maken kan natuurlijk ook. Een lievelingsplek ontwerpen kan ook een mooie opdracht zijn.
Kijkvragen

Bij elke bladzijde kun je vragen naar de gele ballon, de tuinkabouter, de Kameleon, Zwarte Piet, camperbusje, de kleine kapitein en een reiger. Zij zijn op elke plaat te vinden. Ook is er overal een kinderliedjes te vinden. Kijk eens of je die samen met je kind of klas kunt vinden en leer het ze aan. Ik ben van mening dat je het boek met alle leeftijden kunt inzien. De kijkvragen zijn dan ook voor verschillende leeftijden geschreven. Pik eruit wat je graag wilt bespreken met je kind of je klas.

 

De verre zee
Is het dag of nacht op de zee?
Zal het veilig zijn op zee? En waarom?
Wat gebeurt er met het grote schip? (Hier kun je iets vertellen over de Vliegende Hollander).
Waar komt de octopus vandaan?
Wat vervoert het containerschip?

 

De zee bij Nederland
Zie je een figuur uit een ander kinderboek? Zo ja, welke dan?
Wat is er met een van de schepen gebeurd?
Wat doen die mannen in de zee?
Van wie zouden die kisten met goud zijn? En waar gaan ze naar toe?
Waar gaat die boot waar Stena Line op staat naar toe? En waar komt die vandaan?
Wat is dat grote grijze gevaarte voor schip?
En waarom staat er een rondje op het dek?
Er hangt een vissersnet uit een van de boten, wat zal die boot vangen?

 

De duinen
Ben je wel eens bij de zee geweest?
Wat kun je op het strand doen?
Wat kun je in de zee doen?
Wat is dat voor plaatje in het midden van de weg?
Wat doen die huisjes daar op het strand?
Hoe heet die natuur wat naast het strand ligt? En waarom zijn daar heuvels?
Wie heeft het mooiste zandkasteel en waarom?
Wat is er met die grote vis gebeurd die op het strand ligt?

 

De vijf waddeneilanden
Hoe heten de vijf waddeneilanden?
Waar liggen de eilanden in Nederland?
Waarom staat er een vuurtoren op het eiland?
Waar komt de parachutespringer vandaan?
Wat zou er met het zinkende bootje gebeurd kunnen zijn?
Welke beesten liggen er op een open gevallen plaat in de zee?
Wat doet die boot die vlakbij de zeehonden vaart?
Waarom is het vaak druk op de waddeneilanden?
Er wordt een zeehond vrijgelaten. Waar komt die zeehond vandaan?

 

De haven van Rotterdam
Wat zie je in de flat?
Wat zou Flip de beer in de flat doen?
Welke schilder zie je helemaal bovenin de flat?
Je ziet een beer in een bootje. Welk liedje zou daarbij horen?
Wat doen de boten in de haven?
Waarom dansen er allemaal donkere mensen in mooie kleding op straat?
Wat vind je van de kubuswoningen? Zou je zelf zo’n huis willen hebben en waarom?

 

Amsterdam
Hoe heet het water dat dwars door de stad loopt?
Waar kijken al die mensen in de hoek naar?
Waar zie je schilderijen op de plaat?
Zie je ook iemand uit een film met katten? Wie is dat?
Hoe heet het vervoersmiddel wat op een trein lijkt?
Welke dansen zie je?
Waarom zouden er zoveel fietsen in de stad zijn?
Waarom ligt er een poezenboot op de gracht?

 

Stadsleven
Welke steden in Nederland ken je?
Wat is dat voor een groot gebouw in de hoek?
Waarom is er een groot wit kruis op het gebouw?
Wat doen de clowns in de kamers?
Heb je zelf wel eens in het ziekenhuis gelegen en waarom?
Ben je wel eens in het ziekenhuis geweest? Hoe vond je het daar?
Ben je wel eens met de trein geweest? Wat vond je leuk? Wat vond je minder leuk?
Wat doen mensen in een stadion?
Ben je er wel eens geweest? Wat zag je daar?
Ben je wel eens in een bibliotheek geweest? Wat kun je daar doen?

 

Den-Haag op Prinsjesdag
Wie zit er in de Gouden Koets?
Waarom rijdt de gouden koets daar?
Welke winkels zie je in de straat?
Waarom zijn al die gebouwen zo klein? Hoe heet het pretparkje?
Welke steden zie je in Madurodam?
Welke andere boeken zie je op de plaat?
Ben je wel eens in een hotel geweest? Wat kun je daar doen?

 

De Veluwe
Heb je een bos in de buurt?
Wat kun je doen in een bos?
Wat doen de mensen op de boerderij?
Heb je wel eens kunst in de natuur gezien? Wat zag je dan?
Waarom rennen de kinderen weg?
Hoe heet die weg voor dieren bovenop de weg voor de auto’s?
Welke dieren zie je op de plaat? Heb je die dieren wel eens gezien? Waar zag je ze?

 

Het pretpark
Ken je dit pretpark?
Als je zelf een pretpark mocht ontwerpen, hoe zou die eruit zien?
Zouden de mensen die erachter wonen, blij zijn met het pretpark?
Welke pretparken ken je? Wat kun je er doen?
Welke sprookjes zie je in het pretpark?
Waarom ziet die meneer in de achtbaan zo groen?
Wat vind je het leukste pretpark? En wat doe je het liefste daar?

 

De mist
Waar speelt deze plaat zich af?
Ben je wel eens op Schiphol geweest? En wat kun je daar zien?
Heb je wel eens gevlogen en waar naar toe?
Welke vervoersmiddelen zie je?
Wat voor boot zie je op de achtergrond varen? Weet je daar ook een liedje bij?
Hoe heet het als auto’s op elkaar botsen?
Hoe kan zo’n botsing ontstaan?
Welke voedingswaren zie je op de vrachtwagens? Vind je die lekker?

Thema’s

Je kunt dit boek binnen veel thema’s gebruiken:
Landen
Vakantie
Verhuizen
Bij mij thuis
Pretparken
Spelen
De seizoenen
Vervoersmiddelen
Er zijn zoveel lesideeën uit dit boek te halen. Heb je zelf een leuke tip; zet het in een reactie onderaan dit bericht.

Koop of lees meer over het boek Nederland van Charlotte Dematons.